De grootste verandering op de arbeidsmarkt gaat niet over banen, maar over mensen.
Hoe ziet werk eruit in Fryslân in 2050?
Wie daarover nadenkt, komt al snel uit bij kunstmatige intelligentie, robotisering, vergrijzing en een tekort aan arbeidskrachten. Technologie zal ongetwijfeld veel veranderen. Sommige beroepen verdwijnen, andere ontstaan. Maar misschien ligt de belangrijkste verandering ergens anders.
Niet in het werk.
Maar in de mens die het werk doet.
Van baanzekerheid naar loopbaanruimte
De klassieke loopbaan bestaat steeds minder. Opleiding, baan, promotie en pensioen: het overzichtelijke rijtje waarop generaties hun werkende leven bouwden, past steeds minder bij de werkelijkheid.
In 2050 is een loopbaan waarschijnlijk geen rechte lijn meer, maar een verzameling van stappen, bochten en nieuwe keuzes.
Mensen zullen vaker van richting veranderen. Soms omdat het werk verandert. Soms omdat hun leven verandert. Een kind, mantelzorg, ziekte, herstel, een scheiding, nieuwe interesses of simpelweg het besef: dit past niet meer bij mij.
Daarmee verandert ook de vraag die we aan mensen stellen.
Nu hoor je vaak:
“Welk werk kun je doen?”
Gebruikelijker wordt:
“Wat past bij jou?”
Het tekort aan mensen verandert het gesprek
Fryslân krijgt te maken met een dubbele ontwikkeling. Aan de ene kant vergrijst de bevolking. Aan de andere kant blijft de behoefte aan mensen in zorg, techniek, onderwijs, dienstverlening en andere sectoren groot.
Dat betekent dat we ons minder kunnen veroorloven om mensen af te schrijven omdat ze niet meer precies passen binnen een bestaande functie.
We zullen beter moeten kijken.
Naar wat iemand wél kan.
Naar ervaring die niet op een cv staat.
Naar talent dat nog niet is benut.
Naar mogelijkheden die ontstaan wanneer je werk anders organiseert.
Misschien wordt het in 2050 wel normaler om niet een functie om iemand heen te bouwen, maar een functie gedeeltelijk rondom iemand.
Gezondheid wordt onderdeel van het loopbaangesprek
Ook gezondheid zal een grotere rol spelen.
Niet omdat iedereen ziek zal zijn, maar omdat mensen langer leven en langer zullen werken. Bovendien neemt het aantal mensen met een chronische aandoening toe.
De vraag wordt dan niet alleen hoe iemand gezond kan blijven tot zijn pensioen.
Maar ook:
Hoe kan iemand met zijn mogelijkheden en beperkingen duurzaam blijven meedoen?
Dat vraagt om een andere manier van kijken.
Niet: Wat kun je niet meer?
Maar: Wat kan nog wél? Wat heb je nodig? En welk werk past daarbij?
Dat is geen kwestie van iemand ontzien. Het is juist een kwestie van serieus nemen wat iemand te bieden heeft.
Van functieprofiel naar mensprofiel
Werkgevers zullen daardoor misschien minder geïnteresseerd raken in het perfecte functieprofiel en meer in het profiel van de mens.
Wat drijft iemand?
Waar is iemand goed in?
Waar krijgt iemand energie van?
Wat kost energie?
Welke ervaring is overdraagbaar naar ander werk?
Dat vraagt iets van werkgevers, maar ook van werknemers.
Zelfmanagement wordt belangrijker.
Niet in de betekenis van: zoek het zelf maar uit.
Maar in de betekenis van verantwoordelijkheid nemen voor je eigen loopbaan.
Weten wie je bent.
Weten wat je kunt.
Weten wat je wilt.
En durven bewegen wanneer het antwoord op die vragen verandert.
Fryslân als proeftuin
Juist Fryslân zou hierin een interessante positie kunnen hebben.
Een provincie met grote afstanden, een relatief kleine arbeidsmarkt, vergrijzing, sterke gemeenschappen en tegelijkertijd veel ondernemerschap en innovatie.
Niet alles hoeft hier hetzelfde te worden als in de Randstad.
Sterker nog, velen willen dit ook niet.
De toekomst van werk kan juist ruimte bieden aan wat Fryslân van oudsher al kent: kleinschaligheid, vertrouwen, gemeenschapszin en oog voor de mens achter de functie.
Technologie kan daarbij helpen. Een werknemer hoeft in 2050 misschien niet iedere dag op dezelfde plek te zijn. Een specialist kan op afstand werken. Een organisatie kan functies anders verdelen. AI kan routinematig werk overnemen, waardoor meer tijd ontstaat voor menselijk contact, creativiteit en vakmanschap.
Maar technologie lost niet de belangrijkste vraag op.
Die blijft menselijk.
Wie ben ik als mijn werk verandert?
Misschien wordt dat wel een van de belangrijkste loopbaanvragen van 2050.
Want werk is meer dan inkomen.
Werk geeft structuur. Status. Contact. Identiteit. Zingeving.
Wanneer werk verandert, verandert daarom soms ook het beeld dat iemand van zichzelf heeft.
Dat zien we nu al bij mensen die hun baan verliezen, ziek worden of noodgedwongen ander werk gaan doen.
De vraag is dan niet alleen:
“Wat ga ik nu doen?”
Maar ook:
“Wie ben ik nu?”
Daar begint echte loopbaanbegeleiding.
Niet bij een test die vertelt welk beroep bij je past. Niet bij een lijst met vacatures.
Maar bij het gesprek.
Wie ben ik?
Wat kan ik?
Wat wil ik?
En vervolgens: wat is mijn volgende stap?
De toekomst wordt minder voorspelbaar, en daardoor menselijker.
Als we in 2050 terugkijken op de arbeidsmarkt van nu, zullen we waarschijnlijk verbaasd zijn over hoe vanzelfsprekend we functies en loopbanen vonden.
Misschien bestaat de vaste baan dan nog steeds.
Maar misschien is het veel normaler geworden dat mensen gedurende hun leven meerdere keren opnieuw beginnen.
Niet omdat hun vorige keuze fout was.
Maar omdat mensen veranderen.
En mogelijk is dat precies wat we in onze arbeidsmarkt meer moeten gaan accepteren. De beweging van een Human Resources Management Mens & Organisatie.
Een loopbaan hoeft niet perfect uitgestippeld te zijn.
Een volgende stap hoeft niet meteen het antwoord voor de komende twintig jaar te zijn.
Het mag ook gewoon de volgende stap zijn.
De vraag voor 2050, begint vandaag
De grootste verandering op de arbeidsmarkt gaat misschien daarom helemaal niet over kunstmatige intelligentie, robotisering of nieuwe beroepen.
Misschien gaat het over de manier waarop we naar mensen kijken.
Niet langer primair vanuit wat een functie vraagt.
Maar vanuit wat een mens te bieden heeft.
Niet iemand vertellen welke baan hij moet kiezen, maar samen onderzoeken:
Wie ben ik?
Wat kan ik?
Wat wil ik?
En welke volgende stap past daarbij?
Als we daarin slagen, ontstaat er misschien een arbeidsmarkt waarin minder mensen buiten de boot vallen en meer mensen op een manier kunnen werken die bij hen past.
Een arbeidsmarkt die niet alleen efficiënter is.
Maar menselijker.
En misschien begint die toekomst helemaal niet in 2050.
Misschien begint die vandaag.
Reactie plaatsen
Reacties